ONE IS OP DE HOOGTE VAN ONTWIKKELINGEN IN DE ENERGIESECTOR

Initiatieven lanceren die in het standaard aanbod worden opgenomen

04 december 2018

“Met ONE lanceren we initiatieven voor de instroom in techniekonderwijs, die straks door de betrokken partijen in hun standaardaanbod worden opgenomen”

In gesprek met Jacqueline Bijlsma, Programmadirecteur Oost Nederland Energie(k) (ONE)


In 2030 moet Nederland 49% minder CO2uitstoten dan in 1990 en in 2050 moeten we CO2neutraal zijn. Het is bovendien de ambitie van het kabinet om aan het eind van de kabinetsperiode circa 50.000 nieuwbouwwoningen per jaar aardgasloos op te leveren en 30.000 tot 50.000 bestaande woningen per jaar gasvrij te maken. Deze doelstellingen moeten op lokaal niveau - per regio, gemeente en wijk - verder worden geoperationaliseerd. Daar zijn veel vakmensen voor nodig in veel verschillende disciplines in de installatietechniek. Hoe zorgen we dat we genoeg mensen hebben om deze enorme opgave aan te kunnen? UNETO-VNI sprak met vier koplopers die op een succesvolle manier werk maken van meer instroom van vakmensen in de installatietechniek. Zoals Jacqueline Bijlsma, Programmadirecteur Oost Nederland Energie(k) (ONE)

Het gaat om de quick wins: het mbo heeft behoefte aan aansluitend lesmateriaal, terwijl bedrijven behoefte hebben aan arbeidskrachten 

ONE is ontstaan vanuit een behoefte bij de installatiebedrijven om bij een vergrijzend werknemersbestand genoeg arbeidspotentieel voor de aanstaande energietransitie te hebben. In 2014 is een aanvraag bij het Regionaal Investeringsfonds mbo (RIF) gedaan voor subsidie voor een plan om de samenwerking tussen 3 ROC's in het oosten van het land met de bedrijven van de installatietechniek te verstevigen. Bijlsma: “Toen de aanvraag werd gehonoreerd kwam er een subsidie-geldstroom op gang en konden we aan de slag met de uitvoering van het plan. Omdat ik de RIF-aanvraag had gecoördineerd, werd ik vervolgens gevraagd als projectleider. We hebben gemerkt dat het in de eerste fase van de uitvoering veel tijd heeft gekost om het toch wat abstracte plan concreter te krijgen. Dat zou een les voor een volgende keer zijn: probeer bij de aanvraag een zo concreet mogelijk plan in te dienen. Richt je op de quick wins: mbo-onderwijs heeft behoefte aan goed aansluitend lesmateriaal, terwijl bedrijven behoefte hebben aan arbeidskrachten. In je plan moet je heel concreet benoemen dat het om de promotie van de opleiding en het installatievak gaat en zorgen dat je direct de focus hebt op de ontwikkeling van goed lesmateriaal. Het had ons tijd gescheeld als we die focus in het plan al concreet hadden benoemd. Het gaat uiteindelijk om het vergroten van het arbeidspotentieel; dat hadden we duidelijker in het plan naar voren moeten laten komen.”  

De doelstellingen voor mbo- en hbo-onderwijs lopen nogal uiteen; dat maakt dat je verschillende perspectieven hebt op hoe de ideale leeromgeving eruit ziet

Zoals gezegd is het bedrijfsleven de initiatiefnemen voor ONE; bedrijven voorzagen een groeiend tekort aan werknemers en een dreigend tekort aan vakdocenten. Bijlsma: “De bedrijven wilden deze uitdagingen in nauwe samenwerking met de ROC’s op de agenda zetten. Ook OTIB, die nauw verbonden is met arbeidsmarktvraagstukken en de regionale installatiesector, was een stuwende kracht achter het  ontstaan van ONE. Zij doen veel toekomstverkennend onderzoek naar de arbeidsmarkt; deze blik op de toekomst konden we goed gebruiken. Het ROC Rijn IJssel wilde graag trekker zijn van het plan. De Hogeschool had op haar beurt behoefte aan een betere aansluiting vanuit het mbo en daarmee vermindering van de uitval. Er is immers een grote behoefte aan studenten in de techniek, dus hoe lager de uitval hoe beter. Zij zagen een samenwerking met het mbo wel zitten, in de vorm van een fysieke werkplaats waar hbo, mbo en innovatieve bedrijven aan deelnemen. Daarmee wordt de verbinding tussen hbo en mbo verstevigd, terwijl het bedrijfsleven er kan kennismaken met praktisch ingestelde mbo’ers.”  

Die fysieke werkplaats – het Powerlab op Industriepark Kleefse Waard -  is inmiddels ingericht, al is het volgens Bijlsma niet helemaal geworden wat het mbo voor ogen had: “De belangen van het hbo en mbo liepen hiervoor te ver uiteen. Er zijn veel studenten op het Powerlab aan het werk, maar niet met datgene waar het in het mbo om draait. Het zijn vooral hogeschool-studenten die samen met de innovatieve bedrijven onderzoek doen. Het blijkt lastig om mbo bij dit onderzoek te betrekken; mbo-onderwijs wordt door OC&W beoordeeld op curriculum en op het aantal leerlingen dat een vakdiploma behaalt. Onderzoek doen past daar niet goed bij, terwijl dat op de hogeschool juist wel een belangrijke doelstelling is. Ook bij de keuze voor de apparatuur die in het Powerlab aanwezig moest zijn, konden partijen elkaar niet vinden.”

Kennisportaal als regionaal platform voor praktisch mbo-onderwijs

Ondertussen wilden UNETO-VNI en OTIB graag regionale kennisportalen opzetten; virtuele loketten waar alle trainingen vermeld staan die in een regio op het gebied van duurzame installatietechniek en bouw worden gegeven. Bijlsma: “Wij hebben als ONE toen Kennisportaal Gelderland aangejaagd. Als je als bedrijf op zoek bent naar een training voor bijvoorbeeld warmtepompen, zie je op dit platform waar je in de regio hiervoor terecht kunt, onafhankelijk van locatie of aanbieder. Om toch in de behoefte van het bedrijfsleven aan praktische opleidingen te kunnen voorzien, bouwt het Kennisportaal Gelderland mobiele practica: zonnecollectoren, zonnepanelen, warmtepompen, etc. Die zijn allemaal mobiel en te huur voor bedrijven en instellingen die er training over willen geven. Je kunt er ook een deskundige gastdocent bij ‘bestellen’. Zowel voor initieel onderwijs als voor interne bijscholing van zittende medewerkers is dit een oplossing. Dit wijkt weliswaar af van wat er in het initiële plan voor het Powerlab stond, maar voorziet wel veel beter in de behoeften van de betrokken partijen. Ook ter promotie van het mbo-onderwijs bij vmbo-leerlingen werkt het heel goed. Uiteindelijk werkt dit beter dan we ooit hadden bedacht voor het Powerlab.” 

Het verduurzamen van gebouwen levert de grootste CO2-vermindering op, dus is er onder andere een opleidingsmodule ‘energieneutraal bouwen’ ontwikkeld

ONE jaagt dus initiatieven aan, maar initieert ook zelf initiatieven. Bijlsma: “We hebben een professionaliseringsprogramma voor ROC-docenten en praktijkopleiders opgezet. Daartoe namen we een kijkje bij verschillende innovatieve bedrijven en spraken we met allerlei deskundigen. Dat is de basis geweest om te bepalen welke focus we wilden aanbrengen in ons plan voor het Powerlab. 
ONE is aangesloten bij het Gelders Energieakkoord. De wethouder Duurzaamheid van Nijmegen en de Stadsmanager van Arnhem zitten bovendien in de stuurgroep van ONE, waardoor CO2-vermindering en gasloze wijken regelmatig onderwerp van gesprek zijn. We leerden gaandeweg dat in deze regio de grootste CO2-vermindering te behalen valt met het verduurzamen van gebouwen en vervoer. Verduurzaming van vervoer werd al op één van de ROC’s via een ‘Groene Garage’ opgepakt, dus wij hebben ons met ONE gefocust op duurzame woningbouw. Kennisinstelling ‘DNA in de bouw’ (De Nieuwe Aanpak in de bouw) richt zich op energieneutrale woningbouw; die hebben we verbonden aan de onderwijsinstellingen in het Powerlab, zowel mbo als hbo, en ook aan de deelnemende installatiebedrijven.” 

 Gezamenlijk ontwikkelen deze partijen momenteel een module ‘Energieneutraal bouwen’, die wordt gevoed door de docenten van het ROC. Bijlsma: “Ook oZone, het digitale e-learningplatform voor de techniek (A+O-Metalektro), is hierbij betrokken; OTIB ziet dit platform als mogelijkheid voor de installatiesector. OZone maakt digitaal lesmateriaal beschikbaar, betaald en/of ontwikkeld door de bedrijven die lid zijn van het A+O Metalektro-fonds. Op die manier zijn honderden digitale modules beschikbaar voor A+O-bedrijven. OTIB ziet en kans om dit ook voor de installatietechniek zo te organiseren. De onderwijsmodules die wij met het bedrijfsleven hebben ontwikkeld voor de installatietechniek, zoals de module energieneutraal bouwen en de module hybride installaties en gelijkspanning worden daartoe digitaal gemaakt en via oZone gratis beschikbaar gemaakt voor alle ROC’s in heel Nederland. Zo worden er in maart 2019 drie modules opgeleverd die vervolgens door RIF Gas 2.0, uit Groningen, ook een pps, gedigitaliseerd kunnen gaan worden om als e-learning beschikbaar te komen voor zowel ROC’s als installatiebedrijven. Daarmee zijn we één van de eersten in de installatiebranche. We hebben oZone aangeboden om bij ons te komen vertellen over het digitale platform, zowel bij de drie ROC’s en het Kennisportaal als bij de betrokken bedrijven. Maar we zouden het ook landelijk kunnen verspreiden, bijvoorbeeld via een ‘het kan dus wel’-sessie van pps-netwerk Katapult, waarmee je landelijk alle ROC’s bereikt.” 

Je moet aanhaken bij organisaties die techniek al succesvol promoten

Bij de promotie van opleidingen in de techniek heeft Bijlsma geleerd dat het belangrijk is om samen te werken met organisaties die de promotie van techniek op basisscholen en voortgezet onderwijs al ondersteunen: “Je moet kunnen aanhaken op al bestaande promotieactiviteiten. Een goed voorbeeld is het Junior Technovium in Nijmegen, waar we in samenwerking met een bevlogen projectleider de bestaande werkplekken hebben kunnen aanvullen met een werkplek energie en duurzaamheid met installaties voor duurzame energie (een mini-warmtepomp, een mini-windmolen etc.). Scholieren kunnen hiermee experimenteren en zo spelenderwijs kennismaken met techniek.” 

In juni 2019 stopt ONE als project; de activiteiten gaan verder in het Kennisportaal 

Het initiatief ONE heeft een tijdelijk karakter. Bijlsma: “Wij hebben de activiteiten de afgelopen jaren opgepakt als de publiek-private samenwerking ONE, met ROC Rijn IJssel als penvoerder. Een samenwerking is achteraf gezien misschien niet de meest ideale vorm; wellicht was een stichting, vereniging of coöperatie beter geweest, omdat alle partijen er dan met gedeelde verantwoordelijkheid inzitten. De subsidieperiode voor ONE is per 1 juni 2019 afgelopen; dan gaat de samenwerking verder in Kennisportaal Gelderland. Dat is een stichting, losgekoppeld van het ROC. Het grote verschil tussen Kennisportaal en Powerlab is dat Powerlab een fysieke leerlocatie had, terwijl Kennisportaal cursussen van verschillende aanbieders en mobiele practicumopstellingen aanbiedt. De fundingvoor het Powerlab kwam van de provincie Gelderland, als stimulans voor economische bedrijvigheid. De andere facetten zijn voor het grootste deel door het Rijk gefinancierd en door de gemeentes Nijmegen en Arnhem. De betrokken bedrijven dragen niet bij in geld, maar wel door middel van het beschikbaar stellen van kennis en apparatuur voor opleidingen. 

Met ONE hebben we in de afgelopen vier jaar regionaal onderwijs, bedrijfsleven en kennisinstellingen aan elkaar gekoppeld, verbinding gelegd tussen allerlei spelers die het regionale arbeidspotentieel in de techniek kunnen verbeteren, een leermiddelenbank opgezet en e-learning modules ontwikkeld. Daarmee hebben wij voor een bepaalde periode een impuls gegeven aan de arbeidsmarkt voor techniek in Oost-Nederland. Als volgend jaar de RIF-subsidie stopt, zullen de succesvolle initiatieven op een duurzame manier moeten worden ingebed bij de betrokken organisaties en in het Kennisportaal. De eindbijeenkomst ONE is op 11 april 2019, dan laten we in een film zien wat er de afgelopen jaren is gebeurd. De ROC’s kunnen deze film vervolgens weer gebruiken voor de promotie van opleidingen, en daarmee is de cirkel weer rond.”

Het gaat erom of je gelooft in je eigen plan en of je bereid bent er de mankracht voor te leveren om het tot een succes te maken. 

Bij een initiatief als ONE ben je volgens Bijlsma altijd afhankelijk van de personen die zich aan het initiatief verbinden: “Alles hangt af van de mensen met wie je samenwerkt. En vervolgens is de governance een belangrijk punt van aandacht. Wat wij van tevoren niet goed geregeld hadden, is de flexibele inzet van voldoende mankracht. Het bleek in de praktijk erg lastig om bij alle drie betrokken ROC’s docenten vrij te maken om elkaar te ontmoeten en samen op te trekken. Dan gaat het erom of je gelooft in je eigen plan en of je bereid bent er de mankracht voor te leveren om het tot een succes te maken.” 

Interview door Paul de Ruijter, verslag door Jolanda van Heijningen

 


Partners